Zondagse lezing

Zondag 28 juli 2019 - 17de zondag door het jaar - C
Gen. 18, 20-32 'Misschien maar tien rechtvaardigen...'
Lc. 11, 1-13      'Vraag en u wordt gegeven'

DE KRACHT VAN HET GEBED
1Op een keer was Hij ergens aan het bidden. Toen Hij ophield, zei een van zijn leerlingen tot Hem: 'Heer, leer ons bidden, zoals Johannes het ook aan zijn leerlingen geleerd heeft.' 2Hij sprak tot hen: 'Wanneer ge bidt, zegt dan:
Vader, Uw Naam worde geheiligd, Uw Rijk kome. 3Geef ons iedere dag ons dagelijks brood, 4en vergeef ons onze zonden, want ook wijzelf vergeven aan ieder die ons iets schuldig is;
en leid ons niet in bekoring.' 5Hij vervolgde: 'Stel, iemand van u heeft een vriend. Midden in de nacht gaat hij naar hem toe en zegt: Vriend, leen mij drie broden, 6want een vriend van mij is van een reis bij mij aangekomen en ik heb niets om hem voor te zetten. 7Zou die ander van binnenuit dan antwoorden: Val me niet lastig, de deur is al op slot en mijn kinderen en ik liggen in bed; ik kan niet opstaan om het je te geven? 8Ik zeg u: als hij al niet opstaat en het hem geeft omdat hij zijn vriend is, zal hij toch opstaan en hem geven al wat hij nodig heeft, om zijn onbescheiden aandringen. 9Tot u zeg Ik hetzelfde: Vraagt en u zal gegeven worden; zoekt en gij zult vinden; klopt en er zal worden opengedaan. 10Want al wie vraagt, verkrijgt; wie zoekt, vindt; en voor wie klopt, wordt opengedaan. 11Is er soms onder u een vader die aan zijn zoon een steen zal geven, als deze hem om brood vraagt? Of als hij om vis vraagt, zal hij hem toch in plaats van vis geen slang geven? 12Of als hij een ei vraagt, zal hij hem toch geen schorpioen geven? 13Als gij dus, ofschoon ge slecht zijt, goede gaven aan uw kinderen weet te geven, hoeveel te meer zal dan uw Vader in de hemel de heilige Geest geven aan wie Hem erom vragen.'